1) narrow; 2) distress; 3) enemy; 4) hard
Strong H6862
narrow
narrow
Glosses per perspectief
Bijbels3 glosses
narrow; tight
wederpartijders, benauwdheid, tegenpartijders, vijanden, bange
Traditioneel-Christelijk6 glosses
narrow; (as a noun) a tight place (usually figuratively, i.e. trouble); also a pebble ; (transitive) an opponent (as crowding)
adversary, afflicted(-tion), anguish, close, distress, enemy, flint, foe, narrow, small, sorrow, strait, tribulation, trouble.
narrow
(as a noun) a tight place (usually figuratively, i.e. trouble)
also a pebble
(transitive) an opponent (as crowding)
Verwante woorden
Woorden met dezelfde consonantale wortel. Vink aan om hun vindplaatsen mee te tellen.
Vindplaatsen per boek
632× totaalVerdeling over Bijbelboeken
שֹׁרֶשׁ — Verwante woorden
Verwante woorden laden...
מִשְׁפַּחַת מִלִּים — Woordfamilie
Woordfamilie laden...
Theologische concepten
adversary, enemyOverig
afflict, affliction, distressOverig
anguishOverig
trouble, disturb, stir up, distress, hardship, calamityOverig
Studie
……
Notities laden…